Een nieuw curriculum maken doe je samen

‘Je moet mensen niet te ver uit hun comfortzone jagen’

Vanuit het onderwijsveld leerlijnen en lesinhouden ontwerpen die passen bij de veranderende samenleving. Dat is de bedoeling van Curriculum.nu. Op sommige scholen doen lerarenteams dit al, bijvoorbeeld op IKC de IJsselhof in Zwolle. Schoolleiders Marja Heerdink en Femke Spijkerman: “De regie ligt bij de leerkracht. Wij stimuleren de collega’s hun talenten en kwaliteiten in te zetten.”

Wat leerlingen moeten kennen en kunnen om een evenwichtige persoonlijkheid te worden en een verantwoordelijke burger, is elf jaar geleden vastgelegd in een landelijk curriculum voor het primair en voortgezet onderwijs. Inmiddels is de wereld veranderd, dus is het de vraag of dit curriculum nog wel past. Onderwijsorganisaties AVS, Onderwijscoöperatie, PO-Raad, VO-raad, LAKS en Ouders & Onderwijs willen daarom de inhoud en voor een deel ook de organisatie van het onderwijs opnieuw vaststellen. De ontwikkelteams die zich over de verschillende leergebieden gaan buigen, bestaan uit schoolleiders en leraren. “Het is ongelooflijk belangrijk dat het onderwijsveld hierin zelf aan zet is”, zegt AVS-voorzitter Petra van Haren, die in de coördinatiegroep Curriculum.nu zit. “Het veld weet het beste wat kinderen nodig hebben. We hebben nu de kans om bouwstenen te leveren voor een nieuw curriculum.” In de ontwikkelteams zal onder meer gesproken worden over de ruimte van scholen om zelf keuzes te maken. “De schoolleider zal bij deze eigen invulling een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld in het voeren van de dialoog met de teamleden. Daarom roep ik schoolleiders op om deel te nemen aan de ontwikkelteams.”

Niet afwachten
Intussen zitten scholen niet stil in een hoekje te wachten, maar nemen zelf initiatieven om hun onderwijs te verbeteren. Veel schoolleiders en leraren volgen scholing en ontwikkelen een visie op goed en eigentijds onderwijs. Op de eigen school brengen ze hun nieuwe inzichten in de praktijk. Een van de scholen die sterk inzet op schoolontwikkeling is integraal kindcentrum de IJsselhof in Zwolle. Hier geven Marja Heerdink en Femke Spijkerman leiding aan 32 leerkrachten die onderwijs ontwikkelen in onderwijswerkgroepen. “Vijf jaar geleden, ik was net gestart als directeur, heb ik een filmpje gemaakt”, vertelt Heerdink. “Wat ik zag in de klas was dat leerlingen niet erg gemotiveerd waren. Leerkrachten kwamen vervolgens met de vraag hoe we de motivatie konden verbeteren.” Heerdink organiseerde een heidag met het team waar over de onderwijsvisie van de school is gepraat en de koers is bepaald. “Het is op een collectieve manier in gang gezet.”

Deep learning
De onderwijsvisie van IKC de IJsselhof is gebaseerd op New Pedagogies for Deep Learning (NPDL), een beweging voor onderwijsvernieuwing en -ontwikkeling van onder meer de Amerikaanse onderwijskundigen Michael Fullan en Joanna Quinn. Binnen NPDL gaat het erom dat leraren goed kijken naar kinderen en wat zij willen leren. Een aanpak die daarbij past is leerlingen te stimuleren zelf vragen te stellen over een onderwerp. Daarbij speelt de didactische coach een belangrijke rol. Zij helpt leraren aan de hand van zelfgemaakt filmpjes diepere denkvragen te stellen. “In de ‘Week van het Leren’ doen we de methodes aan de kant”, zegt Heerdink. “Samen met leerlingen gaan we dan ontdekkend en onderzoekend leren. Het is belangrijk dat leerlingen meteen iets hebben aan hun nieuwe kennis.” Voor sommige leraren was lesgeven zonder methodes een brug te ver. “Een methode geeft houvast, dan weet je dat je niets overslaat. Sommige leraren gebruikten daarom wel delen van de methode. Dat is ook goed, je moet mensen niet te ver uit hun comfortzone jagen.” De leraren die wel buiten de gebaande paden waren getreden, hadden daarover een filmpje gemaakt. Spijkerman: “Zij zijn de ambassadeurs geworden van onze nieuwe aanpak.”

Collectief leren
Op de IJsselhof volgen veel leerkrachten een masteropleiding. “Dat wilden we inkaderen”, zegt Spijkerman. “De onderwijswerkgroepen die we hebben opgericht rond de thema’s Gedrag, Het jonge kind, Taal, Rekenen en Leren & Innovatie,worden geleid door een collega met een master.” In de werkgroepen worden de speerpunten bepaald en de plannen ontwikkeld en uitgevoerd. Alle leerkrachten maken deel uit van een werkgroep en alle leerjaren zijn in iedere werkgroep vertegenwoordigd. Zo kunnen er op de verschillende thema’s doorlopende leerlijnen ontworpen worden. Dat zoveel leerkrachten een master hebben gevolgd, heeft veel invloed op de kwaliteit van het onderwijs en de ‘ontwikkeldrang’ van het team. Heerdink: “Collectief leren is een belangrijke factor hierin. Er is veel gretigheid ontstaan om het onderwijs te verbeteren. Fouten maken mag, moet zelfs, om verder te komen.” De onderwijswerkgroepen delen hun resultaten. Wat de ene groep uitvogelt, heeft ook impact op wat de andere groepen doen. Zo wordt de samenhang tussen leergebieden groter en komen doorlopende leerlijnen binnen de school in zicht. Heerdink: “De Jonge kind-groep heeft gekeken naar de knip tussen groep 2 en 3. Dat heeft effect op het leesonderwijs. We gebruiken nog steeds de methode Veilig leren lezen, maar zijn daarnaast ook met thema’s bezig.”

Omgekeerd heeft de werkgroep Taal invloed op wat in groep 1 en 2 gebeurt. “De collega met master Taal heeft in haar eigen groep in de bovenbouw een nieuwe aanpak ontwikkeld voor het begrijpend lezen. Daarna heeft ze met de werkgroep een leerlijn gemaakt voor de hele school.” De werkgroepen proberen hun ideeën direct uit in de klas. Heerdink: “We werken vanuit het doen, maar we toetsen het wel aan de theorie. We zijn een academische opleidingsschool, we gaan niet vanuit de onderbuik experimenteren. De leerlijnen zijn gestoeld op wetenschappelijk onderzoek.”

Eigenaarschap
De leerlijnen worden ook doorgetrokken naar de voorschool en het vervolgonderwijs. Heerdink: “Binnen ons bestuur zijn scholen voor po, vo en so. Het bestuur vindt onderlinge uitwisseling erg belangrijk en stimuleert dat ook, bijvoorbeeld met Onderwijscafé’s waar zowel po- als vo-collega’s komen.” Spijkerman: “We maken ook een leerlijn voor de voorschool, om de start in groep 1 te verbeteren. De opvang hanteert een kindvolgsysteem. Een student pedagogische opvang onderzoekt nu hoe we onze leerlijn en dit volgsysteem op elkaar kunnen laten aansluiten.” In het IKC zijn heel veel studenten actief: van de pabo, maar ook hbo-studenten pedagogiek, management en mbo-studenten sociaalpedagogisch werk. Spijkerman: “We noemen het het ‘IKC-lab’. Deze studenten moeten veel zelf doen, ze worden niet steeds op de vingers gekeken. Het is voor hen ook een diepe leerervaring.” Volgens Heerdink en Spijkerman ligt de sleutel van het succes bij het eigenaarschap van de teamleden. “We zetten de collega’s in hun kracht. Dat geeft verantwoordelijkheid en betrokkenheid”, zegt Heerdink. “De leerkracht heeft de regie over het initiatief, het ontwikkelen, het wetenschappelijk onderbouwen, het uitvoeren en het borgen. Wij stimuleren dat zij hun talenten en de kwaliteiten inzetten en dat geeft vleugels.”

Traject curriculum.nu
Onder de naam Curriculum.nu – het vervolg op Onderwijs2032 – buigen ontwikkelteams van leraren, schoolleiders en scholen zich in 2018 over de vraag wat leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs moeten kennen en kunnen. Dit gebeurt voor negen thema’s of vakgebieden: Nederlands, Engels, Wiskunde & Rekenen, Digitale geletterdheid, Burgerschap, Bewegen & Sport, Kunst & Cultuur, Mens & Maatschappij en Mens & Natuur. Ieder ontwikkelteam bestaat uit circa zes leraren uit het po, zes uit het vo en twee schoolleiders. De ontwikkelteams starten in maart 2018 en komen vier keer bij elkaar in meerdaagse (ontwikkel)sessies. Eind 2018 presenteren de teams hun resultaten, die de basis leggen voor nieuwe kerndoelen en eindtermen. Scholen, leraren en schoolleiders kunnen zich tot half oktober aanstaande aanmelden als ontwikkelschool of deelnemer aan een ontwikkelteam. Uit de aanmeldingen worden 130 leraren, 18 schoolleiders en 84 scholen geselecteerd. Deelnemers aan de ontwikkelteams en -scholen ontvangen een vergoeding voor de vervanging van leraren en schoolleiders.

Selectiecriteria voor schoolleiders:

De schoolleider is per 1 september 2017 als schoolleider werkzaam in het po of vo.
Het bevoegd gezag gaat akkoord met de aanmelding.
De schoolleider is gemotiveerd, heeft ervaring in het organiseren van ruimte voor de onderzoekende houding van leraren, is resultaat- en samenwerkingsgericht, omgevingssensitief en communicatief vaardig.
Er wordt rekening gehouden met spreiding: geografisch, denominatief, groot/klein en over onderwijstypen.
De combinatie van aanmelding van schoolleider (of leraar) voor een ontwikkelteam en van de school als ontwikkelschool is mogelijk, maar geldt niet als voorwaarde.
Meer informatie: www.curriculum.nu

Susan de Boer

Gepubliceerd in Kader Primair, 30 september 2017